Gewoon Quakers: Religie zonder rituelen

Gewoon Quakers: Religie zonder rituelen

Foto: Mariia Britan (Vecteezy)

Door Erik Dries

Iemand vroeg of er in de Vriendenkring niet af en toe een artikeltje voor beginnende Quakers kon komen te staan. Geweldige vraag. Ik wil een aftrap doen. Mogelijk wordt dit de rubriek ervoor: ‘gewoon Quakers’. In dit stukje zal het gaan over een paar overgeleverde eigenaardigheden zoals geen rituelen en geen eed afleggen.

Maar eerst nog iets over ‘beginnende Quakers’. Want dat doet me zo denken aan de Regel van Benedictus voor kloosterlingen, waarin hij stelt iedereen een levenslange beginner is. Of zoals iemand lang geleden tegen mij zei ‘je bent nooit een Quaker, je bent er altijd een aan het worden’. En dat lijkt me een prima uitgangspunt.

 

Geen rituelen, geen eed afleggen.

Gewoon een stelletje eigenwijze figuren die lekker tegen de draad ingingen? Als iedereen zus doet, gaan wij zó doen. Is dat wat erachter zat? Is dat wat erachter zit? Nee natuurlijk.

Wat is een ritueel eigenlijk?

Daar zijn boeken over vol geschreven. Laten we het houden op symbolische handelingen, dus met symbolen en symbolische taal, die gebruikt worden bij de overgang van het ene naar het andere.

Denk aan heel groot en bekend: bij geboorte en dood en huwelijk. Maar ook bij een nieuwe baan, uit huis gaan, pensionering. De kerk kent er veel tijdens de diensten en gedurende het jaar.

Blijkbaar hadden Quakers daar moeite mee.

De kerk is niet meer zo groot en alles doordringend als toen. Ze ‘lopen leeg’ zoals dat heet. Maar mensen gaan op zoek naar iets anders. Ook naar andere rituelen. Rituelen zijn behoorlijk ‘in’ tegenwoordig.

Ik praat maar naar ik verstand heb. Ik denk dat rituelen je helpen om het moment goed te beleven. En dat Quakers menen dat elk moment heilig is. Dus dat het inzetten van een ritueel afleidt van dat idee. Net zoals álle plaatsen geschikt zijn om ‘gd’ te ontvangen, en dat daarom zo’n huis met een torentje (‘steeplehouses’), zo’n kerk, om dezelfde reden niet nodig is. Een beetje radicaal lijkt dat wel. Maar je kan ook zeggen dat het gewoon past bij een authentieke doorleefde spiritualiteit.

 

Hebben Quakers helemaal geen rituelen? Ehm, jawel, een beetje. En we hebben ook vaste plekken om bij elkaar te komen.

We hebben het ritueel van de stille bijeenkomst, het vormen van een kring, van het gaan staan aan het eind van de bijeenkomst en elkaar een hand geven. Nouja, dat moet je misschien zien als praktische oplossingen voor de communicatie; we hebben nu eenmaal die lichamen 😊. Het blijft mooi om ervan uit te gaan dat élk moment heilig is. In taal van deze tijd: dat elk moment met aandacht, mindful kan zijn. Niet alleen dat uurtje op zondag. Liever omgekeerd: óók dat uurtje op zondag. ‘Come hearts and minds prepared’.

 

En Quakers legden geen eed af. Heeft dat nog met deze tijd te maken? Tegenwoordig mag je toch op officiële gelegenheden kiezen voor een eed of belofte? Toch wijst die eigenaardigheid op iets moois.

Wijst op de innerlijke overtuiging van de diepe waarde van eerlijkheid, betrouwbaarheid. Geweldig beschreven in het boek ‘de Quakers’ van Marianne IJspeert, blz.74 en verder!

Tegelijk ook iets ingewikkelds hoor, altijd de waarheid spreken. Geen leugentjes om bestwil enzo. Volgens moderne psychologen liegt ieder mens elke dag minstens één of twee keer. En ‘speak truth to power’, het thema voor de komende Algemene Vergadering… ook moeilijk hoor.

Nouja… je bent nooit een Quaker, je bent er altijd een aan het worden 😊.

 

Volgende keer: geen dogma’s en geen hoeden afnemen (ach, waar is de tijd van de hoeden gebleven!)

 

Steen op een rots
Quakerwaarden over vlees en zuivel

Quakerwaarden over vlees en zuivel

Foto: Ramiro Martinez (Unsplash)

Door Sytse Tjallingii

Minder vlees en zuivel past bij onze Quakerwaarden: Vrede, Rechtvaardigheid, Eenvoud, Duurzaamheid (zorg voor de aarde en de schepping), Integriteit (waarachtigheid, eerlijkheid), Gelijkwaardigheid (iedereen heeft “dat van God” in zich).

 

Vrede

Er is geweld op grote schaal tegen dieren in de industriële veehouderij. Er is op grote schaal vrijheidsberoving, door kleine hokken en massaal fokken. Met de ruimte voor elk dier wordt geen enkel rekening gehouden met het natuurlijke gedrag van elk dier.

 

Rechtvaardigheid

Er is geen verhouding tussen de machthebbers (de bioindustrie) en de dieren die we houden voor vlees en zuivel.

Eenvoudig leven

Voor vlees en zuivel moeten veel gewassen verbouwd worden om die dieren te voeden. Dat is kostbaar en verspillend wat betreft land- en watergebruik. Rechtstreeks knollen, granen, peulvruchten, fruit en groenten eten bespaart dus heel veel! (factor 1: 8).

 

Integriteit

We kijken met de dezelfde compassie naar onze honden en katten als naar al die dieren in de vlees en zuivelindustrie. We hebben een grote verantwoordelijkheid om er voor te zorgen dat de beperkte hulpbronnen van onze eindige planeet ook voor alle wereldbewoners gebruikt worden. Door de verspilling van grondstoffen vanwege de vlees en zuivelproductie kan dat nu helemaal niet. Miljoenen mensen (naar schatting meer dan 700 miljoen) lijden honger.

Integriteit houdt ook in dat we voor andere soorten moeten zorgen, naast de onze. Er leven nu meer dan 8,3 miljard mensen op aarde. Vooral in het rijke westen kiezen er steeds meer mensen ervoor om, wanneer hun inkomen het toelaat, eieren, zuivel, vlees en andere dierlijke producten te consumeren.

Foto: Rita Kochmarjova (Shutterstock)

Hond en varken, gelijke rechten?

Duurzaamheid

De vlees- en zuivelindustrie is niet duurzaam op wereldniveau door het effect op het klimaat van wege de hoge broeikasgasemissies (14,5% wereldwijd). Nederland draagt een onevenredig groot deel hieraan bij. Er is een grote vervuiling door de uitstoot van stikstof (distikstofmonoxide), enorm land- en watergebruik, ontbossing en biodiversiteitsverlies. Klimaatrampen, hitte, droogte, tropische stormen, tornado’s, overstromingen, worden steeds erger en nemen in aantal toe, door de opwarming van de aarde.

 

Gelijkwaardigheid

Mens en dier zijn niet gelijk maar hun waarde is wel gelijk. Dit is op geen enkele manier in de bio- en zuivelindustrie vanwege vrijheidsberoving en het op jonge leeftijd doden van miljoenen dieren. Dit komt voort uit de enorme aantallen dieren die wij goedkoop kunnen opeten. Dit gebeurt ook in de zuivelindustrie waar in Nederland een miljoen vleeskalveren worden gehouden. Elk kalf wordt bij de moeder melkkoe meteen na de geboorte weggehaald. Waar is de compassie voor alle levende wezens? En wat is de praktische toepassing van de getuigenis van gelijkheid naar andere soorten dan de onze?

Steen op een rots

Dieper geloven, minder vlees en zuivel

Enkele citaten van Quakers over de keuze om minder of helemaal geen vlees en ook geen zuivel te eten.

De Quakers koesteren al sinds het ontstaan in de 17e eeuw een diepgewortelde zorg voor dieren. Hun oprichter, George Fox, veroordeelde de jacht en de valkenjacht. 

 

George Fox (1624 – 1691)

“Hij is de levende God, die de aarde met gras en kruiden bekleedt, de bomen doet groeien en vrucht voortbrengen tot voedsel voor u; die de vissen in de zee doet ademen en leven. Hij doet de vogels in de lucht zich vermenigvuldigen en maakt dat het hert en de hinde, de schepselen en al het vee jongen voortbrengen, waardoor zij u tot voedsel kunnen zijn. (…) Hij is de levende God, die u adem, leven en kracht geeft, en u beesten en vee geeft waardoor u gevoed en gekleed kunt worden.”

 

Hier laat George Fox zien dat hij dieren nog wel als voedsel ziet. Latere Quakers waren radicaler:

 

Anthony Benezet (1713–1784)

“Ik heb een soort verbond van vriendschap en vrede gevormd met de dierenwereld.”

Toen hem kip werd aangeboden voor het eten, zei hij: “Wat, wilt u dat ik mijn buren eet?”

 

John Woolman (1720 – 1772)

‘Zeggen dat we God liefhebben en tegelijkertijd wreed zijn voor het kleinste schepsel, is een contradictie op zich’.

Ik geloof dat waar de liefde van God volmaakt is en de ware geest van goed bestuur nauwlettend in de gaten wordt gehouden, er tederheid naar alle schepselen zal ontstaan en er in ons zorg zal bestaan dat we de zoetheid van het leven in de dierenwereld, die de Grote Schepper voor hen onder ons bestuur voor ogen heeft, niet verminderen.’

Joshua Evans (1731 – 1798)

“Ik beschouwde dat leven zoet is in alle schepselen, en het wegnemen daarvan werd voor mij een zeer tedere zaak. (…) Mijn geest was vaak gebogen in diepe eerbied voor de Allerhoogste, bedekt met gevoelens van nederigheid en tederheid, (…) en het werd mij geopenbaard dat ik niet langer zou moeten deelnemen aan iets dat leven had.” Hij was nog radicaler vegetariër dan John Woolman.

Benjamin Lay (1682 – 1759)

Hij is de beste veganistische Quaker-abolitionist met een bochel in de 18e eeuw. Een radicale Quaker die slavernij, dierenuitbuiting en consumptiegedrag als één moreel geheel zag: geen slavenproducten, geen dierenleed, eenvoudig leven.

  

Het Quaker Veganistisch Getuigenis

Veel Quakers zijn al veganist, en we willen vegetariërs en omnivoren aanmoedigen om een stap verder te gaan en veganistisch te worden, waarbij alle dierlijke producten worden afgewezen vanwege de inherente schade die intensieve veehouderij aan dieren toebrengt. Een meer plantaardige levensstijl beschermt onze planeet en viert de rijkdom aan omgevingen, biodiversiteit en ecosystemen. (https://qvw.org.uk)

Deze uitspraken tonen aan dat het veganisme voortkomt uit een diep Quaker‑gevoel van gelijkheid en tederheid tegenover alle leven, gekoppeld aan het afschaffen van de slavernij en geen uitbuiting van schepselen, mens of dier.

Steen op een rots

Afbeelding: John Warner Barber

Anthony Benezet